Achtentachtig treden, elke avond. Boven zette je het licht aan en keek je uit over een zee die je nooit helemaal vertrouwde. De Lange Jaap kraakte in de wind als een oud schip.
Eén schip is niet teruggekomen, dat jaar. Ik heb er lang naar uitgekeken, elke avond opnieuw. Een vuurtorenwachter leert leven met de zee die soms niets teruggeeft.
Er was een nacht met mist die drie dagen bleef. Ik heb het licht niet één keer uitgezet.Dirk Rab, vuurtorenwachter